dinsdag 1 oktober 2013

Bruggenbouwers in Halle



Blijft Halle stilstaan in ondiep water?

Is het verkeer in Halle gedoemd om op termijn in de binnenstad alleen nog stil te staan? Wie belangrijke elementen uit de stedelijke mobiliteitsstudie van 19 oktober 2012 samenlegt met de presentaties  van de deskundigen en hun studiebureaus over de mogelijkheid  nieuwe kanaalbruggen te bouwen,  is geneigd deze vraag positief te beantwoorden.

De Halse binnenstad, die volgens vele geïnteresseerden toch ruimer moet worden gezien dan de historische stadskern, kende de jongste jaren een nooit geziene “verdichting”. De bouwwoede nam spectaculaire proporties aan. Een kleine opsomming van uitgevoerde, in uitvoering zijnde of geplande nieuwbouwprojecten: Rivierenhof en Nederhem  aan de Sasbrug, Roy’Halle en andere losse projecten in de J. Jacqminstraat, de inbreiding in de Zuster Bernardastraat, ’t Parkske aan de Bergensesteenweg…Deze lijst is ver van volledig. Daarnaast is er nog het niet onbelangrijke commercieel complex met ondergrondse parkeergarage aan de Arkenvest.

Al die projecten genereren binnenkort bijkomende verkeersstromen. In welke mate die allemaal in de stedelijke verkeersplannen zijn verwerkt, is niet geheel duidelijk.

Halle wordt bovendien geconfronteerd met een dubbel probleem: zowel het doorgaand verkeer als het lokale (binnenstedelijke) verkeer is tijdens grotere periodes van de dag nu al verzadigd. De invalswegen kunnen het nu al niet meer slikken. Het eigen stedelijk Mobiliteitsplan illustreert dit tweevoudig fenomeen voor de Sint-Rochuswijk: “Door het verminderen van de doorwaadbaarheid van het gebied kan het verkeer gestimuleerd worden om zich te concentreren op deze wegen van hogere categorie. Het beperken van de doorwaadbaarheid kan via het doordacht toepassen van enkelrichtingsverkeer en het strategisch knippen van enkele straten. Het gebied is echter dermate groot dat het niet haalbaar is om een waterdicht circulatieplan op te stellen dat alle gemotoriseerd verzamelt naar de hogere wegcategorieën. 

Naast de vraag hoe afgedwongen kan worden dat het gemotoriseerd verkeer zich op deze wegen zal concentreren en of deze wegen dit verkeer wel kunnen opvangen. Zeker de lokale verzamelwegen zijn onvoldoende uitgerust voor het verzamelen van het gemotoriseerd verkeer. De uitdaging ligt erin om de doorstroming op deze straten te verbeteren, en de veiligheid en verkeersleefbaarheid te bewaren.”

Wie deze vaststelling ter harte neemt, moet zich meteen afvragen hoe bijkomende bruggen over het Kanaal (en de Zenne en de spoorlijnen) , zoals op 17 september 2013 voorgesteld op een informatievergadering, hierin soelaas kunnen brengen.

Het Halse schepencollege roept nu de bevolking op om zich uit te spreken over de plannen tot verdieping, verbreding en overbrugging van het Kanaal. Het College zelf komt tot het besluit dat een nieuwe Zuidbrug (maar op termijn liefst ook een tweede Zuidbrug)  tussen de Vogelpers en het Bevrijdingsplein (“de Zwarte Kat”) de Halse verkeerspijnen kan verzachten.

Hebben die bruggen een binnenstedelijke of een bovenstedelijke functie? Zijn ze m.a.w. gericht op een betere gemotoriseerde doorstroming van Sint-Rochus naar de stadskern en omgekeerd? Of moeten zij bovenlokaal verkeer doorsluizen van Zuid naar Noord, van Oost naar West? Alle bruggen verbinden in feite  alleen de stationsomgeving via de Vogelpers met het Bevrijdingsplein en/of de Bergensesteenweg in de richting van Lembeek. Wat doet het verkeer dan eenmaal daar beland, om toch nog dichter bij de stadskern te raken? En in omgekeerde richting om Sint-Rochus binnen te raken? Op deze vraag blijven de studies het antwoord schuldig.

Gebakken Lucht Bruggen


De simulaties die door de deskundigen zijn uitgewerkt en voorgesteld, tonen aan dat de problemen zich alvast gedeeltelijk gaan verplaatsen van de Suikerkaai naar de Vogelpers. 

De nieuwe brug of bruggen zouden worden gebouwd door de NV Zeekanaal. Over de kostprijs en de financiering bestaan geen cijfers of zijn geen verdere gegevens openbaar gemaakt. De verbreding en verdieping van het Kanaal enkel in en rond Halle blijkt ook ruim onvoldoende te zijn om het te laten beantwoorden aan moderne Europese normen. Zowel ten noorden als ten zuiden van Halle zouden kostelijke infrastructuurwerken nodig zijn, onder meer nieuwe bruggen en sluizen, om dit te realiseren. Vandaar dat velen betwijfelen of de voorgespiegelde bruggen op korte of middellange termijn gebouwd zullen worden. Halle dreigt zich dus aan een strohalm vast te klampen, maar dreigt tegelijk in ondiep water te verdrinken.  Sceptici spreken daarom al van “gebakken lucht-bruggen”. De vergelijking met de beroemde decennia aanslepende zwembad-saga is niet veraf.

Een andere essentiële schakel in een mogelijke mobiliteitsoplossing vormt de verbinding tussen de autoweg naar Bergen en die naar Doornik. De N203A zou worden aangepakt en gedeeltelijk ingekokerd. Ook dit is een bovenlokaal project. Welke link is er met de kanaalbruggen?

Zelf zegt het bevoegde Agentschap  Wegen en Verkeer hierover: “De N203a, het stuk van de A8 tussen de ring om Brussel en het kanaal Brussel-Charleroi, heeft op het overgrote deel van zijn tracé in beide rijrichtingen twee rijstroken en heeft het karakter van een autosnelweg. Toch zijn er drie kruispunten met verkeerslichten (aan de Halleweg, de Nijvelsesteenweg en de Rodenemweg) en vier onvolledige aansluitingen met lokale wegen. Die zeven kruispunten remmen de doorstroming van het verkeer af en zorgen voor lange files en verkeersonveilige situaties.
Daarbij komt nog dat het verkeer vanuit Wallonië, net voor ze Halle binnenrijden, van twee rijstroken naar één rijstrook geleid worden. Daardoor slibt het verkeer daar tijdens de ochtendspits helemaal dicht.”
De oplossingen die het Agentschap voorstelt, bieden wel degelijk soelaas, hoofdzakelijk voor het doorgaand verkeer, en verlichten tegelijk de druk op het binnenstedelijke mobiliteitsprobleem. Maar ook hier ontbreken zowel  kostenramingen,  budgettaire  toezeggingen als concrete planning (het  milieu-effectenrapport en de ruimtelijke uitvoeringsplannen worden  voorbereid tegen 2014, maar nadien is er nog een lange weg af te leggen).

Streekvereniging Zenne en Zoniën is er zich van bewust dat de bovenstaande argumentatie zeker niet volledig is en maar een klein deel van de mobiliteitsproblematiek bestrijkt. Wij zijn blij dat het schepencollege door de bevraging van de bevolking over de kanaalbruggen “de kat de bel aanbindt”. Maar er gaat nog veel water door de Zenne stromen, eer er een duidelijk beeld ontstaat over werkelijk verantwoorde en bevredigende oplossingen. Wie een deeltje van het hele plaatje wil zien, moet zich bij de lopende consultatie al door een zevental documenten en presentaties werken. Een Titatenstrijd vergelijkbaar met het overzwemmen van het Kanaal …tussen Calais en Dover.

Onze conclusie: de Kanaalbrugconsultatieronde dreigt een slag in het water te worden.