dinsdag 20 september 2016

Wijnbrondal hersteld in Linkebeek




Een deel van het Wijnbrondal is sinds 1979 beschermd landschap. Sindsdien komen de problemen met deze mooie brok natuur meermaals op de agenda van de gemeenteraad, en sinds 1979 is het gemeentebestuur zich bewust van de belabberde toestand van deze unieke beekvallei. Tijdens de gemeenteraad van 14 mei 1981 interpelleert de toenmalige oppositiefractie LK2000 het schepencollege uitvoerig over deze problematiek en er volgt een interessante gedachtewisseling waaruit blijkt dat iedereen zich bewust is van de ernst van de zaak. Het grote probleem zijn de oude beuken op de steile hellingen die weinig onderbegroeiing toelaten, zodat er gemakkelijk bodemerosie optreedt. 

De talrijke bronnen langs de overzijde van de beek vormen een tweede moeilijkheid omdat het water niet gekanaliseerd wordt en het de weg erg drassig maakt. Een ploeg tewerkgestelde werklozen voerde rond die tijd wat onderhoudswerken uit aan de beekkanten en taluds, maar dat was een pleister op een houten been.

Sanering en landschapsplan


Het duurt nog tot in 2001 vooraleer het gemeentebestuur een ontwerper aanstelt voor de hoogdringende sanering van het Wijnbrondal en er opnieuw enkele kleine herstellingswerken worden uitgevoerd. Kwestie van de milieugroepen en de talrijke wandelaars te sussen.

In 2006 gaat het gemeentebestuur er eindelijk mee akkoord om in samenwerking met de diensten Natuur en Bos en Onroerend Erfgoed van de Vlaamse Gemeenschap een beheerscommissie op te richten die een landschapsbeheerplan opstelt. Dat is de enige manier om voor de saneringswerken subsidies te krijgen. De commissie gaat dat jaar van start onder leiding van mevrouw Timmermans, een landschapsarchitecte en lid van de commissie voor Monumenten en Landschappen, bijgestaan door ambtenaren van ruimtelijke ordening, het gemeentebestuur, de provincie, diverse milieuverenigingen (waaronder streekvereniging Zenne en Zoniën) en buurteigenaars. De commissie maakt een inventaris van het beschermde gebied op en stelt een gespecialiseerd studiebureauaan voor het ontwerpen van een landschapsbeheerplan.


Werken aan de beschermde holle weg zijn klaar


Volgens Toerisme Vlaams-Brabant is het Wijnbrondal waarschijnlijk de diepste holle weg van het Vlaams Gewest. Het wordt nog altijd als de parel van Linkebeek beschouwd en heeft in het verleden veel kunstenaars geïnspireerd. Vandaar ook de Franstalige benaming Vallée des Artistes. Het is bovendien een mooie verbindingsweg tussen de dorpskern en het gehucht ‘t Holleken.
De opmaak van het plan en de aanstelling van een studiebureau nemen veel tijd in beslag. Vooral de medewerking van de boordeigenaars, die niet willen opdraaien voor kosten of geen afstand willen doen van eigendom, zorgtvoor tijdverlies.
Het Vlaams Gewest kan uiteindelijk in 2009 het plan en de subsidies goedkeuren. Ondertussen is er al een voorlopig knuppelpad om de meest drassige stroken begaanbaar te houden. En in 2010 laat het gemeentebestuur de trap naar de Villalaan, die niet tot het beschermde gebied behoort, op eigen kosten herstellen. Een firma uit Beveren voert het puike werk uit voor 133.000 euro.

Hersteld ondanks erosieprobleem


De eerste fase van de eigenlijke saneringswerken gebeurt in 2011, als een 20-tal gevaarlijke beuken worden geveld om de begroeiing op de hellingen opnieuw te bevorderen. Eind 2015 gaat dan uiteindelijk de tweede fase van start, die net voor de zomer achter de rug was. Aan de overzijde van de beek werden draineringswerken uitgevoerd om de vele bronnetjes te kanaliseren, de bermen van de beek werden versterkt en de wandelweg grondig hersteld. De werken werden door een onderneming uit Aarschot uitgevoerd.

De kostprijs van deze werken zal oplopen tot ongeveer 340.000 euro, waarvan het Vlaams Gewest 283.000 euro subsidieert.

De zijbermen blijven echter zorgen baren. Het erosieproces zal wellicht voortgaan en de oude beuken blijven een bedreiging voor de afkalvende hellingen. Het is al een mooie realisatie, hoewel die veel vroeger had moeten gebeuren. Het Wijnbrondal s in elk geval voor een belangrijk deel in ere hersteld.

Jozef Motté
Bron: Sjoenke september 2016