donderdag 23 mei 2019

Halle - Terrassen voor de Zenne


Halle - Vlaams Bouwmeester roept op voor terras aan de Zenne


“De Vlaamse Milieumaatschappij, de stad Halle en de provincie Vlaams-Brabant zoeken een ontwerpteam voor de aanleg van een of meerdere verblijfsplekken aan de Zenne, die het contact tussen de bewoners, de gebruikers van de publieke ruimte en de waterloop kunnen versterken.”  Zo meldt de Vlaamse Bouwmeester.  In mensentaal: Halle wil langs de Zenne en het Zennepad leuke plekken, waar je even kan verpozen. En daar  moeten de beste ontwerpen voor gevonden worden.

Context

Deze ontwerpopdracht kadert in de strategische visie op het Zennelandschap, zoals die werd ontwikkeld in de  landschapsstudie Zennepark, opgemaakt in opdracht van de stad Halle. Streefdoel is een langgerekt landschapspark, “dat de Halse identiteit kan versterken en kan bijdragen aan de opwaardering van de woon- en leefkwaliteit in de stad.” In het landschapspark wordt een onderscheid gemaakt tussen hoogdynamische en laagdynamische verblijfsplekken. Harde recreatieve functies zoals sportactiviteiten en speelzones situeren zich voornamelijk langs de nieuwe stedelijke Zenne. De verblijfsplekken langs de landelijke Zenne zijn eerder gericht op een zacht recreatief gebruik. Vandaar  de termen “hoog” en “laag”.



Bij enkele verblijfsplekken zou men  de oevers te verlagen zodat men dichter bij het water kan komen. De opdracht gaat net daarover. De oeververlaging biedt zowel een landschappelijke als ecologische meerwaarde, met bijzondere aandacht voor kindvriendelijke (water)speelzones.



In de strategische landschapsvisie gaat het over de Eizingenmolen, het Albertpark en de Leide.Het doel van deze ontwerpopdracht is de principes omzetten in uitvoerbare ontwerpen. Die moeten een zekere robuustheid garanderen, zowel qua gebruik als wat de waterhuishouding betreft: het verschil tussen de hoog- en laagwaterstanden van de Zenne kan oplopen tot een tweetal meter.



De opdracht omvat de opmaak van een ontwerp en budgetraming tot en met de opmaak van de omgevingsvergunnningsaanvraag en een definitief ontwerp. De ontwerper staat in voor de opvolging van de werken. 

Budget



Er wordt uitgegaan van een uitvoeringsbudget van 0,5 tot 1 miljoen euro wat kan bijgesteld worden in de loop van de procedure. Voor de uitvoering van de volledige opdracht wordt een forfaitair bedrag voorzien van max. 80.000 euro (excl. btw). Maximaal 5 teams worden uitgenodigd om een offerte in te dienen tegen 01.07.2019, 12.00 uur.

Maximaal 5 teams worden uitgenodigd om een offerte in te dienen tegen een vergoeding van 2.000 euro (excl. btw) voor een geldige offerte. De Vlaamse Bouwmeester begeleidt het hele project en zal deel uitmaken van het adviescomité voor de gunning van de opdracht. Meer info bij Hedwig Truyts: hedwig.truyts@vlaanderen.be

woensdag 15 mei 2019

Abdijhoeve Brukom voorlopig beschermd


SINT-PIETERS-LEEUW – Abdijhoeve Hof ten Brukom voorlopig beschermd
Geert Bourgeois, Vlaams minister-president en Vlaams minister van Onroerend Erfgoed, beschermt de abdijhoeve Hof ten Brukom in Sint-Pieters-Leeuw voorlopig als monument.
"De abdijhoeve Hof ten Brukom is de laatste overgebleven fysieke getuige van de eeuwenlange aanwezigheid van de Ter Kamerenabdij in Sint-Pieters-Leeuw. Naast deze historische waarde is de abdijhoeve ook een architecturaal pareltje in combinatie met veeteelt- en landbouwmogelijkheden.", aldus minister-president Geert Bourgeois.

In 1777 werd de abdijhoeve Hof ten Brukom in Sint-Pieters-Leeuw gebouwd ter vervanging van een oudere pachthoeve. Brukom is een belangrijk gehucht gelegen op een knooppunt van wegen en waterlopen. Die gunstige ligging bood grote mogelijkheden voor landbouw en veeteelt. De oudste verwijzing naar de abdij van Ter Kameren in Brukom vinden we in een oorkonde van 1238. De hoeve was een pachthoeve in het bezit van een machtige Brusselse abdij en getuigt van het landbouwsysteem tijdens het ancien regime. 

De toegangspoort met duiventil, een privilege weggelegd voor adel en clerus, toonde de bijzondere status van de abdijhoeve. Ook na de opheffing van de abdij aan het einde van de achttiende eeuw behield de pachthoeve haar agrarische functie. Het goed wisselde tijdens de negentiende eeuw meerdere malen van eigenaar en werd steeds verder verpacht, tot aan het midden van de twintigste eeuw. Gedurende lange tijd was er een paardenkwekerij ondergebracht, waarvan nog enkele paardenstallen overblijven.


Wat het gesloten hoevecomplex zo speciaal maakt is de uitzonderlijke grootte en de architecturale kwaliteit. De abdijhoeve werd opgetrokken in een zeer typerende bak- en zandsteenarchitectuur onder steile leien bedaking, met afgewolfde zadeldaken. Ondanks het functionele karakter is de architecturale vormgeving van de stalgebouwen uitzonderlijk omdat gebruik werd gemaakt van een overwelving met bakstenen koepelgewelven op monolithische zuilen van blauwe hardsteen.
Na de voorlopige bescherming organiseert het gemeentebestuur een openbaar onderzoek. Op die manier heeft iedereen de kans om opmerkingen of bezwaren kenbaar te maken bij de gemeente. Binnen negen maanden beslist minister-president Geert Bourgeois over een definitieve bescherming.