woensdag 17 mei 2017

Minder is beter in Halle



De stad Halle kreeg begin april 2017 een aanvraag binnen voor de verkaveling van een binnengebied tussen de Bergense en de Edingensesteenweg. Er zouden meer dan 100 nieuwe woningen komen (waarvan het grootste deel in 3 appartementsblokken) en drie grootschalige winkels: een nieuwe Aldi, een meubelzaak en een doe het zelf-zaak. In het kader van het lopende Openbaar Onderzoek heeft Streekvereniging Zenne en Zoniën vzw een aantal opmerkingen en bezwaren ingediend.
1.      Het plan voorziet op een ingesloten binnengebied van ongeveer 3 ha in de bouw van 102 woongelegenheden. Daarvan een deel via appartementsgebouwen. De zone is niet bestemd voor doorgaand verkeer en de te verwachten toename van bevolking en gemotoriseerd verkeer zal onvermijdelijk de mobiliteitsproblemen die de stad Halle al kent, doen toenemen. Wij vragen dat het project enkel kan worden vergund indien het aantal wooneenheden met 20% wordt gereduceerd om het samenleven op een menselijke schaal in de stad te vrijwaren.
2.      De fietsverbinding tussen Station Halle en Industrieterreinen Dassenveld en omgeving zoals die in het PRUP Kleinstedelijk Gebied Halle van de provincie Vlaams-Brabant is opgenomen, kan niet in de voorgestelde vorm worden gerealiseerd en wordt hierdoor gedegradeerd. Dit moet in het voorliggende plan verholpen worden.
3.      Het plan voorziet in het rooien van drie percelen bosgebied en dit wordt in het kader van de Vlaamse boscompensatieregeling enkel financieel gecompenseerd. De Stad Halle kan eisen dat minimaal een gedeelte (het meest waardevolle bijvoorbeeld) bewaard blijft en dat de compensatie van het overige gedeelte op het grondgebied van de stad wordt gerealiseerd, concreet bijvoorbeeld in het kader van het Boommarterplan.
4.      Het plan voorziet in drie aparte grootschalige retailhandelspanden. Wij vragen dat deze tot kleinere proporties worden herleid, dat zij in één kleiner gebouw worden geconcentreerd en dat de aldus ingewonnen ruimte wordt voorbehouden voor groenvoorziening.
5.      Wij vragen dat de Gemeentelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening een gemotiveerd advies kan uitbrengen, op basis van een volledig dossier waarvan alle studies, plannen en overige relevante documenten vooraf aan de leden van de Gecoro worden bezorgd.
De gemeenteraad van Halle heeft recent wel al meerderheid tegen oppositie de wegenaanleg voor de verkaveling goedgekeurd zonder het lopende Openbaar Onderzoek af te wachten.

dinsdag 16 mei 2017

Halle blijft groeien

Halle snijdt drie hectare aan

De stad Halle laat 3 hectare verkavelen tussen de Bergensesteenweg 182 en de Edingensesteenweg 169. Het gaat volgens de documenten die in het kader van het Openbaar Onderzoek nog tot donderdag 18 mei kunnen worden ingekeken, om "woon- en retailontwikkeling"  met onder meer "een grootschalige kleinhandelszone van 7.366 m2, een fitnessruimte van 390 m2, een stedelijk woongebied met 97 wooneenheden en een polyvalente ruimte van 239,3 m2" . Er is ook nog plaats voor 5 individuele woningen.


Dit gebied  krijgt geen doorgaand gemotoriseerd verkeer maar zal "doorwaadbaar" zijn voor zwakke weggebruikers. Volgens de inrichtingsstudie (www.charlier-consult.be) zijn de afzonderlijke handelsruimten bestemd voor Aldi, een meubelwinkel en een doe-het zelf zaak (waarvan de merk- of eigenaarsnamen niet worden genoemd).
Er verdwijnen bij de aanleg drie bestaande bosgebieden: één van 1300, een ander van 2780 en ten slotte  één van 1866 m2.  Volgens het Agentschap Natuur en Bos van de Vlaamse overheid  is de totale ontbossing  aangewezen.  De verkavelaar kiest voor een financiële vergoeding in het kader van de Boscompensatieregels. Deze bedraagt 1,98 € per m2, maar voor de eerste zone moet die met een factor 1,5 en voor de tweede met een factor 2 vermeerderd worden. De verdwenen bomen leveren de gemeenschap dus 18564.48 € op.
Volgens het Gewestplan Halle-Vilvoorde-Asse ligt het gebied in ambachtelijke zone, bufferzone en woongebied. Volgens he Provinciaal Ruimtelijk Uitvoeringsplan (PRUP) voor het Kleinstedelijk Gebied Halle is het een Zone voor  Stedelijke Ontwikkeling en Fietsverbinding (n.v.d.r. naar Dassenveld). Deze laatste moet blijkbaar worden verlegd in vergelijking met het het oorspronkelijk opzet.
Wie zich woensdag- of donderdagvoormiddag nog vrij kan maken, kan de plannen en studies tussen 9 en 12 uur gaan inkijken op de Dienst Ruimtelijke Ordening van het stadhuis aan het Oudstrijdersplein.  Er  is een 65 bladzijden  tellende studie over de mobiliteit, een archeologische  evaluatie van 48 bladzijden, een Archeologisch programma van maatregelen  van 22 pagina's en een motivatienota van 7 bladzijden. Daarnaast nog  talloze plannen en andere documenten.  De  verkavelingswijziging die door Databuild, de projectontwikkelaar, wordt gevraagd, gaat terug  naar oorspronkelijke plannen van 1966. Bezwaren indien uiterlijk 18 mei 2017.

maandag 15 mei 2017

VUB Campus Rode wordt voorlopig bewaard

In Sint-Genesius-Rode wil de meerderheid in de gemeenteraad graag de sinds jaar en dag leegstaande VUB-ULB campus "urbaniseren", d.w.z. verkavelen en verstedelijken.

De Vlaamse overheid is het daar voorlopig niet mee eens. Ze heeft een negatief advies gegeven  over een nieuwe bestemming via een  gewestplanherziening voor het campusgebied Bierenberg - Paardestraat. " Dit gebied komt niet in aanmerking voor stedelijke ontwikkeling, maar wel voor het versterken van de functionele samenhang met de open ruimte  en de landschappelijke structuur", zo luidt het.

Concreet betekent dit dat de Vlaamse overheid er  de voorkeur aan geeft om de band met de landschappelijk waardevolle omgeving te bewaren. Deze campus sluit aan bij het Visserspad, het Heuken en verder met het Steentijdpad dat reikt tot aan het Zoniënwoud op de Grote Hut.  In feite is dit gebied een onderdeel van een groene zone die kan lopen van het gemeentehuis van Sint-Genesius-Rode tot aan Zoniënbos. "Het volstaat om een paar ontbrekende groene landschapselementen toe te voegen om deze  uitzonderlijke verbinding te herwaarderen", zo meent  Streekvereniging Zenne en Zoniën.  Wij zetten ons  al decennia in voor een betere ruimtelijke ordening en tegen de complete verstedelijking in en van de Zennevallei.

dinsdag 9 mei 2017

Succes Zennefeest Halle

Zennefeest Park Buizingen

Zenne en Zoniën op het Zennefeest in Halle


 Voor het eerst was streekvereniging Zenne en Zoniën present op het jaarlijkse Zennefeest in het park van Buizingen, deelgemeente van Halle. Dit feestgebeuren vindt telkens op 1 mei plaats in één van de parken van de stad Halle, die dit evenement organiseert samen met Cultuurcentrum ’t Vondel en het Regionaal Landschap Pajottenland-Zennevallei.

Heel de voor- en namiddag stonden weer in het teken van spel en avontuur voor de kinderen en informatiestanden over natuur, milieu, ruimtelijke ordening en mobiliteit voor het oudere publiek. Talloze natuurverenigingen tekenden present. Hoewel het weer niet helemaal meezat, was er toch ruime belangstelling. De organisatie was tiptop verzorgd.

Zenne en Zoniën probeerde mensen warm te maken voor natuur, milieu en erfgoed met een “in het nieuw gestoken” stand, waar ook de komende wandelactiviteiten en de fotowedstrijd met ‘Erfgoed’ als thema (landschappen en waardevolle gebouwen en dorpsgezichten) in de kijker werden gezet.
Na afloop toonde het bestuur van Zenne en Zoniën zich tevreden met de belangstelling en met de organisatie.

dinsdag 2 mei 2017

Magie bij de VIssen in Linkebeek



Op bezoek in de viskwekerij in Linkebeek
Dat de viskwekerij in Linkebeek nog niets van haar uitstraling heeft verloren, blijkt maar al te goed aan het aantal inschrijvingen tijdens onze twee bezoeken op 30 maart en 20 april 2017 jl. Tweemaal rond de 25 deelnemers en ook enkele studenten willen alles vernemen over het reilen en zeilen van de viskwekerij.

Dat kan maar één man, dat is Johan, de bezieler en verantwoordelijke van de viskwekerij. Een geboren verteller. Johan  raakt maar niet uitgepraat over de viskwekerij. Hoe het begonnen is en waar ze nu mee bezig zijn en welke projecten men in de toekomst wil aanpakken.

Een postkaart uit 1911 vertelt ons over de eerste aanwezigheid van een viskwekerij in Linkebeek. Het was toen een forelkwekerij.

Vele jaren later is de site in handen gekomen van de Vlaamse Overheid. Onderzoek naar zeldzame soorten en het kweken ervan om ze daarna uit te zetten in de natuur is de hoofopdracht. Serpeling, beekforel, kopvoorn, rivierdonderpad, kleine modderkruiper zijn enkele van die soorten die op de rode lijst voorkomen en die dus volop gekweekt moeten worden.

Het paradepaardje van de viskwekerij in Linkebeek echter is het kweken en terug introduceren van de kwabaal. Een kabeljauwachtige die helemaal verdwenen was in België. En daar zijn ze goed in geslaagd. Men mag niet denken dat met het kweken van enkele jonge visjes en het nadien uitzetten in een rivier, het probleem  is opgelost. Neen, een ganse resem van parameters moeten onderzocht worden vooraleer de soort zichzelf kan voortplanten. En deze wetenschap is meer dan voldoende  aanwezig in de viskwekerij van Linkebeek. De kwabaal is terug in Vlaanderen waar te nemen.
Met hulp van de mens kan men terug diersoorten in de natuur laten leven, maar ook zonder hulp van de mens. Alhoewel het niet echt juist is, want eerst moet die mens zorgen voor proper water. Dat wil zeggen wat hij eerst in de jaren zestig vuil heeft gemaakt, moet hij nu met vele en dure zuiveringsinstallaties schoon maken.  En soms lukt het dat een verdwenen vissoort, de fint namelijk, op eigen kracht terug in de Schelde komt leven.

Als we de chemische verontreiniging en het rechttrekken van onze rivieren een halt kunnen toeroepen, dan zullen er waarschijnlijk nog meer waterdieren op natuurlijke wijze in ons waterlandschap verschijnen.

In de toekomst wil men  in de viskwekerij werken aan projecten in de amfibiewereld…

Het bezoek aan de viskwekerij startte aan het parkeerterrein van het Schaveyspark, waarvan de viskwekerij een onderdeel is, op de plek waar vroege de Schaveyshoeve stond. Oudere Linkebekenaren herinneren zich dat nog. Het Schaveyspark, ook bekend als Cleertbos, is einde jaren zestig van vorige eeuw beschermd, mede op aansturen van Streekvereniging Zenne en Zoniën.

Streekvereniging Zenne en Zoniën plant in 2018 opnieuw geleide groepsbezoeken aan de viskwekerij.

vrijdag 28 april 2017

Grasduin eens in de Grasmusdreef in Linkebeek

Voor de fotowedstrijd met Erfgoed  als thema, raadt onze man in Linkebeek een bezoek aan de Grasmusdreef aan.  Deze maand is ideaal voor degelijk fotomateriaal. Hij kent ze zelf  tamelijk goed, maar vond ook inspiratie op de website van Onroerend Erfgoed.

Grasmusdreef


©Vlaamse Gemeenschap


"Hellende straat, deels holle weg, ten zuiden van het dorpscentrum van Linkebeek als verbinding tussen Dwersbos (aan de Viskwekerij, n.v.d.r.)) en de Hollebeekstraat. Residentiële omgeving met villa's die niet altijd even goed zichtbaar zijn van op de straat omwille van het hoogteverschil tussen het lager gelegen straatniveau en de hogere percelen die bovendien met begroeiing zijn afgeschermd.

De villa's dateren voornamelijk uit het begin van de 20ste eeuw, zoals de nummers 47 en 47A, kadastraal ingetekend in 1910 met uitbreiding naar rechts in 1913. In 1975 werd het complex grondig verbouwd, maar de voorgevel van het rechtervolume is intact gebleven, met origineel schrijnwerk. In de straat zijn ook jongere realisaties te vinden zoals nr. 82 naar ontwerp van J. Geerinck (die woonde in de Vijversdreef nr. 24) uit het begin van de jaren 1960 of nr. 35 uit de jaren 1970. In de westelijke kant van de straat, ter hoogte van nr. 80 zijn nog de restanten te vinden van een brug die vroeger de Grasmusdreef overspande. Naar verluidt werd deze brug rond 1908 gebouwd en rond 2004 afgebroken. 

In het oostelijke begin van de straat ligt de voormalige woning van kunstenaar Dolf Ledell, nr. 9. Hij bouwde hier zijn atelier in 1930. De woning op zich is niet zo opmerkelijk, maar het reuzegrote betonnen vrouwenbeeld in de voortuin is één van de twee beelden die een paviljoen sierden op de wereldexpo van 1945 in Brussel."
  • Kadasterarchief Vlaams-Brabant, Mutatieschetsen Linkebeek, Sectie B, 1910/17, 1913/31 en 1975/58 (nrs. 47 en 47A), 1971/20 (nr. 35).
  • Gemeentearchief Linkebeek, Bouwaanvragen 1930 en 1961 (dossier 1432).
Bron: DAVELOOSE B. met medewerking van KENNES H. 2010: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Vlaams-Brabant, Gemeente Linkebeek, Herinventarisatie, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen VLB12, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs: Daveloose, Barbara

donderdag 27 april 2017

Langs het Beukenlandschap naar het huis van Teirlinck

Het Beukenlandschap is een kasseiweg die uitgeeft op het Herman Teirlinckplein

Wil je het dorp van Teirlinck en zijn woonomgeving verkennen en op de gevoelige plaat vastleggen? Dan vertrek je vanaf het Beukenlandschap en verbreed je geleidelijk je horizont. Creatieve  fotografen vinden hier ongetwijfeld hun gading. Het huis en de tuin van Teirlinck, de kerk, het oud gemeentehuis: zovele beschermde plekken die een reportage waard zijn.

De omgeving van de kasseiweg genaamd 'Beukenlandschap' of 'weg nummer zes', bestaat uit een klein beukenbestand (Fagus sylvatica) op de zuidelijke flank van de Beerselberg, die hierdoor sterk geaccentueerd wordt.

Historiek

Op de kabinetskaart van de Ferraris (1770-1778) wordt de weg Beukenlandschap weergegeven als een weg door een bosbestand. De kaart van Vandermaelen (1846-1854) toont de weg te midden van akkers. Het grootste deel van dit bosbestand is intussen verdwenen.

Beschrijving

Een deel van het resterende beukenbestand is, ten gevolge van ziekte en storm, gekapt en opnieuw aangeplant. De Beerselberg is op de steile oostelijke rand van de Zennevallei gesitueerd, ten oosten van het kasteel van Beersel.

De ondergrond bestaat ter hoogte van het beschermde landschap uit grijze klei tot silt behorende tot het Lid van Moen. De textuur van de bodems op de Beerselberg varieert van droog zandleem lager op de helling in het westen tot droog zand hoger op de helling . Ten zuidoosten van het beschermde landschap komt een band matig droge zandleembodem zonder profiel voor . De oorspronkelijke bodemtypes zijn binnen het beschermde landschap echter grotendeels verdwenen ten gevolge van bebouwing.
  • Archief Onroerend Erfgoed Vlaams-Brabant DB000193, Omgeving van weg nr. 6, genaamd ‘De Beuken’, briefwisseling.
  • De Kabinetskaart van de Oostenrijkse Nederlanden van Jozef Jean François de Ferraris, opgesteld tussen 1770-1778, schaal 1:11.520.
  • Topografische kaart van België, Philippe Vandermaelen, uitgegeven tussen 1846-1854, schaal 1:20 000.

Auteurs: Cox, Lise
Datum tekst: 2013


Agentschap Onroerend Erfgoed 2017: Kasseiweg Beukenlandschap, Inventaris Onroerend Erfgoed [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/302348 (geraadpleegd op ).

Dorpskern Alsemberg verwacht fotografen

Maak je graag een originele fotoreeks in het kader van de fotowedstrijd van Zenne en Zoniën? Dan vind je heel wat inspiratie in de Pastoor Bolsstraat en in de kern van Alsemberg.

Bij ONroerend Erfgoed schrijven ze hier over:

Alsemberg wordt gedomineerd door de halverwege een heuvelrug ingeplante laatgotische en in de periode 1862-1906 ingrijpend gerestaureerde Onze-Lieve-Vrouwkerk. Haar monumentale voorkomen wordt verklaard door haar ontstaan als votiefkerk, in 1134 gesticht door de Brabantse hertog Godfried met de Baard die hiertoe de abdij van Kamerrijk, vertegenwoordigd door de proosdij van het Heilig Graf van de Kapellekerk in Brussel, rijkelijk begiftigde met onder meer een mansus (12 bunder) grond, te identificeren met de huidige 'kerkenberg', waarop de kerk werd gebouwd.

Deze, in vergelijking met andere parochies, late stichting verklaart de merkwaardige dubbelstructuur van de dorpskern. Onderaan de heuvel, op de linkeroever van de Molenbeek, ter hoogte van de belangrijke, driesvormende kruising van de Nijvel-Brusselweg, de Halleweg en de weg naar Rode, lag de oudste kern rond het hof van Alsendale, wellicht in oorsprong een feodale motte, later hof van plaisantie en uiteindelijk dorpskasteel dat in 1877 werd gesloopt.

Een tweede kern kwam tot ontwikkeling op de heuvel, aan de overzijde van de beek rond de in 1134-1155 opgerichte Onze-Lieve-Vrouwkerk, die vooral in de 14de en 15de eeuw als druk bezocht bedevaartsoord een belangrijke groeipool vormde. De intensieve bebouwing omvatte naast typische kerkelijke voorzieningen zoals cure, kapelaanswoningen, kosterwoning en gasthuis, voornamelijk herbergen en brouwerijen, allen cijnsplichtig aan de kerk aangezien gans de 'berg' tot het primitief dotatiegoed behoorde. Dit verklaart waarom de kerk bij de eerste kadasterplannen (1836) nog grote percelen grond bezat.

Beschrijving

In tegenstelling tot de primitieve kern, die kort na 1919 grondig werd geherstructureerd rond de nieuw aangelegde Vismarkt (huidige Winderickxplein), bleef de globale structuur en configuratie van wegen- en bebouwingspatroon met een vrij intensieve, sterk aaneengesloten bebouwing van overwegend (voormalige) handelspanden langs de ‘kerkenberg’ opvallend intact. Nadrukkelijk aanwezig in het dorpsbeeld zijn de oude steegvormige secundaire- of voetwegen omlijnd door bebouwing zoals de Boonstraat (ouder tracé van de Brussel-Nijvelweg) en de Radijzengang in het verlengde van de steeg langs het Sint-Victorinstituut (oude verbinding Halleweg-Nijvelweg) of door bakstenen klooster-, school- en tuinmuren zoals de steile Kalvarieberg tussen Pastoor Bolsstraat en Witteweg, de Kloosterweg - de oude voetweg naar Rode - en aansluitend de gekasseide verbinding met de Oude Postweg. Bakstenen muren zijn ook nadrukkelijk aanwezig langs de hoofdstraten zoals in de Pastoor Bolsstraat ter hoogte van het kerkkoor en de voormalige afspanning de Rode Poort of de belijning van het oorspronkelijk bouwblok van de Zwaan langs de Brusselsesteenweg.
Kenmerkend is eveneens de voor het vroegere café ‘De Bron’ gelegen openbare bron omsloten door een hekken en bereikbaar via enkele trappen. Het water zou afkomstig zijn van de bronnen in pastorietuin en Sint-Victorinstituut.

De bebouwing zelf getuigt van een intensieve verbouw- en vernieuwingscampagne die zich tussen het midden van 19de en begin 20ste eeuw situeert. Oudere panden werden voorzien van een witgeschilderde gevelcementering, zoals het bouwblok ten zuiden van het Sint-Victorinstituut, de kleine rijwoningen ter hoogte van de grote trappen of de dubbelwoning met afgeronde kroonlijst tegenover het klooster van de 'Franse nonnen'. De 19de-eeuwse 'nieuwbouw' omvat meestal tweelaagse, soms met een mezzanino verhoogde, al dan niet bepleisterde burger- en handelshuizen. Voorbeelden van dit neoclassicistische bouwtype zijn de dubbelwoning met afgesnuit zadeldak, empiregetinte rondboogvensters en balkon langs de Pastoor Bolsstraat en ernaast, het voormalig lokaal van de parochiale verenigingen ‘Concordia’, een vrijstaand bepleisterd breedhuis met twee bouwlagen en mezzanino, hoge rechthoekige vensters en schilddak. Uit het einde van de 19de eeuw dateren de Rode Poort, een oude afspanning die in 1890 werd omgebouwd tot herberg en feestzaal en nog later tot landhuis alsook het de aanzet van de F. Deneyerstraat markerende herenhuis. Het 19de-eeuwse straatbeeld wordt nog versterkt door de aanwezigheid van het neoclassicistische oud-gemeentehuis uit 1845, het tweede gemeentehuis - een verbouwing van de oude meisjesschool van architect Spaak uit 1864 - en de volledig ommuurde voormalige jongensschool (1879), openbare gebouwen die door hun omvang en typologie de oude Postweg karakteriseren.

De begin 20ste-eeuwse inbreng, overwegend bestaand uit hoekbelijnende handelspanden en de pittoreske villa 'l’Etoile' met decoratief gebruik van geglazuurde baksteen en verspringende gevelvlakken, illustreren de picturale stijl die omtrent de eeuwwisseling onder invloed van de art nouveau in voege trad. Voorbeelden hiervan zijn het hoekpand bij het begin van de Boonstraat en de hoekpanden langs de Pastoor Bolsstraat, namelijk het momenteel witgeschilderde voormalige café ‘In de Bron’ met aangrenzende, 1908 gedateerde feestzaal en er tegenover het café ‘De Vissers’.
Naast deze beeldbepalende elementen bezit de dorpskern enkele, markante historische constructies die door hun situering, typologie en/of vormgeving nog nadrukkelijk getuigen van het verleden van Alsemberg als kerkdorp èn als druk bezocht bedevaartsoord: de Onze-Lieve-Vrouwkerk met kerkhof en trappen, herberg De Zwaan, de pastorie, de kapelaanswoningen en het klooster van de ‘Franse nonnen’.

Kerk en kerkhof waren vanouds toegankelijk via de lange trappen aan de zuidzijde en de kleine trappen aan de westzijde. De huidige lange trappen, twaalfmaal vijf treden (blauwe hardsteen en kasseien), naar boven toe versmallend en aangelegd in de aslijn van het zuidportaal dateren van 1893, zoals bevestigd door het in het straatpatroon verwerkte jaartal. Het concept is van J.J. Van Ysendijck (1836-1901), op dat moment belast met de restauratie van de kerk.De kleine trappen aan de westzijde met flankerend muurwerk en pilasters in witte natuursteen zouden uit 1751 dateren. Van de kerkhofmuur rest enkel het door pilasters gelede gedeelte ter hoogte van het koor dat in 1953 werd vernieuwd en afgewerkt met een grijze beraping.
  • BRASSINE J. 1997: Beersel. Over vijf deelgemeenten beschreven en bezongen, Sint-Genesius-Rode.
  • S.N. 1991: Beersel. Onze vijf deelgemeenten op de drempel van de 20ste eeuw, Sint-Genesius-Rode.
  • S.N. 1986: Het rekeningenboek van Jan Vandervelden, Alsemberg.
  • THEYS C. 1960: Geschiedenis van Alsemberg, Brussel.
  • S.N. 1988: 10 Generaties tussen Zenne en Zoniën, tentoonstellingscatalogus, Alsemberg.
  • VERBESSELT J. 1985: Het parochiewezen in Brabant tot het einde van de 13de eeuw 19, Brussel, 245 e.v.
  • WAUTERS A. 1855: Histoire des environs de Bruxelles 10B, Brussel, 389 e.v.
Bron: Beschermingsdossier DB002198, Dorpskern Alsemberg (digitaal dossier).
Auteurs: Paesmans, Greta
Datum tekst: 2003